Stadsdelen

De omgevingsvisie gaat over de stad als geheel, maar Amsterdam bestaat uit heel verschillende gebieden. In de omgevingsvisie rollen we niet een visie of werkwijze uit over de stad. Het is juist de bedoeling om recht te doen aan de diversiteit en afwisseling van Amsterdam. Dat is simpelweg logisch, want problemen en oplossingen in Centrum zijn heel anders dan in Zuidoost. Het is ook een ambitie, want een grote kwaliteit van Amsterdam is de afwisseling tussen druk en rustig, chic en sjofel, weidsheid en intieme straten, groen en stedelijk.

In de omgevingsvisie komt daarom ruimte voor een lange termijnvisie per stadsdeel. Hier kunnen gebiedseigen opgaven geagendeerd worden. Ook vind je hier per stadsdeel de belangrijkste inzetten tot 2050 om de kwaliteit van leven voor Amsterdammers te verbeteren. Dat kan gaan om een nieuwe culturele voorziening, grote projecten in de openbare ruimte en het groen, om nieuwe ontwikkellocaties, om het verbeteren van de leefbaarheid of de buurteconomie. Het kan ook gaan om een andere manier van werken met bewoners en ondernemers en het creëren van vrije ruime.

In het Groeiend Verhaal laten we zien welke opgaven er per stadsdeel spelen. Deze hebben we verzameld in gesprekken met bewoners, stadsdeelbestuurders en ambtenaren die in de gebieden werken. Grofweg valt daarbij op dat de opgaven in de vooroorlogse stad anders zijn dan in de naoorlogse stad. Dat stadsdelen met veel nieuwe bouwprojecten andere problemen hebben dan stadsdelen waar weinig ­gebouwd, maar wel veel verbouwd wordt. In de omgevingsvisie zullen uiteindelijk deze stadsdeelopgaven in verband gebracht worden met de langetermijnvisie op de stad als geheel.

De komende maanden diepen we in gesprekken met bewoners, stadsdeelbesturen en collega’s in de stadsdelen de opgaven en ontwikkelrichtingen van de stadsdelen verder uit.

Centrum

Nergens wordt de snelle groei van de stad meer gevoeld dan in het stadsdeel Centrum. De binnenstad trekt sinds 2010 enorm veel meer bezoekers, terwijl het aantal inwoners ook steeg en het gebied als werklocatie onverminderd populair was. Dat is te merken aan de drukte in de openbare ruimte, die sneller dan elders slijt en vervuilt. Prijzen van huizen, werkplekken en winkelruimten zijn snel gestegen.

Belangrijk aandachtspunt in Centrum is de betekenis van dit stadsdeel voor Amsterdam. Is de binnenstad nog wel de plek waar Amsterdammers naar toe gaan om elkaar te ontmoeten, waar cultuur, wetenschap en handel bloeien?

Hiermee verbonden zijn opgaven om te voorkomen dat er een monocultuur van toeristische winkels en uitgaansgelegenheden ontstaat. Hoe beschermen we het historische stadsbeeld, zonder dat dit beeld een leeg consumptieartikel wordt? Soms gaat het ook om het terugdringen van reële overlast. Zoals van coffeeshops en van toeristen op de Wallen. Wat is de toekomst van de prostitutie in Centrum? Moeten we laagwaardige massatoerisme op dezelfde wijze blijven faciliteren? In de uiteindelijke versie van de omgevingsvisie moeten er minder vraagtekens en meer doelen/keuzes worden gesteld.

Nieuw-West

Dat de binnenstad blijvend drukker is geworden lijkt wel duidelijk. Maar de vorm die de drukte aanneemt is zeker te sturen. Bijvoorbeeld door de schaarse ruimte in de binnenstad efficiënter in te richten en straten en pleinen hoogwaardig, groen en toegankelijk in maken. Daarbij zal ruimte voor de auto verdwijnen en krijgen voetgangers en fietsers juist meer plek. Centrum loopt voorop als het gaat om autoluwmaatregelen. Het stadsdeel onderzoekt samen met de stad de toekomst van het IJtunneltracé Weesperstraat-Mr. Visserplein-Valkenburgerstraat. In het kader van de Knowledge Mile wordt al begonnen met een groene inrichting van deze drukke verkeersroute.

In Nieuw-West liggen twee grote opgaven die elkaar kunnen versterken. Enerzijds kent het stadsdeel grote ontwikkelgebieden in het Schinkelkwartier, Ring West en Slotermeer. Anderzijds zijn er buurten waar minder nieuwe ontwikkeling plaatsvindt, maar waar leefbaarheid en wijkeconomie wel moeten worden verbeterd. In heel Nieuw-West speelt verduurzaming en kwaliteitsverbetering van woningen een belangrijke rol.

Nieuw-West heeft een sterke cultuurhistorische identiteit. De uitgekiende samenhang tussen gebouwen, buurtgroen en stadsdeelgroen, met Sloterplas en Sloterpark als middelpunt, is een gegeven op basis waarvan het stadsdeel zich kan ontwikkelen tot een onderdeel van de stad met een sterke eigen kwaliteit. Om het hele stadsdeel te laten meeprofiteren van nieuwe ontwikkelingen in de Ringzone en in het Schinkelkwartier is een versterken van doorgaande routes nodig. Dat kan door in te zetten op groene wandel- en fietsverbindingen en op het maken van stadsstraten. Deze routes sluiten aan op metro- en treinstations en verbinden Nieuw-West veilig en vanzelfsprekend met het centrum en nieuwe ontwikkelgebieden. De Sloterplas wordt het hoogwaardig ingerichte groene hart van Nieuw-West. Een speciale opgave ligt er in de wijkwinkelcentra. Hier wordt gezocht naar menging met meer wonen en voorzieningen en een betere aansluiting op de omliggende buurten.

De verduurzaming van woningen en het verbeteren van de woonkwaliteit kan hand in hand gaan met het vergroten van de diversiteit in woningtypen in verschillende buurten. Bewoners moeten meer dan nu wooncarrière kunnen maken in hun eigen buurt. Verdichting en een toevoegen van andere woningtypen zijn in veel buurten onmisbaar voor het op peil houden van het voorzieningenniveau en het aanbod aan openbaar vervoer. Verduurzaming en vernieuwing staat soms op gespannen voet met de erfgoedwaarde van buurten. De uitgekiende samenhang vraagt om ingrepen die de hiërarchische opzet eer aan doen. Niet om hapsnap vernieuwing die de samenhang teniet doet. Slechts dan kunnen bestaande kwaliteiten versterkt worden en nieuwe kwaliteiten worden toegevoegd die tegemoet komen aan de wensen van huidige en nieuwe bewoners.

Noord

Noord is het snelst groeiende stadsdeel in Amsterdam. De toename van inwoners en arbeidsplaatsen is het grootst langs de IJ-oevers. Daar direct tegenaan liggen bestaande buurten. De opgave is inwoners van die buurten mee te laten profiteren van de ontwikkeling van hun stadsdeel. Er liggen daarvoor volop kansen. Geld dat vrijkomt dankzij ontwikkeling kan in de buurten gebruikt worden om de openbare ruimte en het groen te verbeteren. Ook zorgen nieuwe inwoners voor een versterking van de wijkeconomie. In de nieuwe buurten aan het IJ blijft ook ruimte voor productieve bedrijvigheid. De IJ-oevers worden als groen oeverpark voor heel Noord een aantrekkelijke plek.

Langs de Noord/Zuidlijnstations is nog ruimte voor extra woningen en voorzieningen. Het Buikslotermeerplein bij station Noord kan uitgroeien tot het hart van heel Noord. Het winkelcentrum verandert in een compacte stadsbuurt met wonen, werken, winkels en voorzieningen voor de omliggende buurten. Hier is ook plek voor een nieuwe culturele trekker voor heel Amsterdam. In ontwikkelbuurten als de Banne liggen kansen voor verdichting. Ook kunnen de naoorlogse buurten rondom het Buikslotermeerplein via aantrekkelijke, levendige straten beter aangesloten worden op het vernieuwde Buikslotermeerplein.

Noord is een groen stadsdeel. Dankzij de behouden polders binnen de stad en het open veenweidegebied in Waterland is Noord het meest landschappelijke deel van Amsterdam. De groene kwaliteiten verdienen versterking. Binnen de stad door sport, ecologie en ontspanning te verenigen. In Landelijk Noord is de opgave en nieuwe balans te vinden tussen cultuurlandschap, landbouw en klimaatbestendigheid.

Oost

Stadsdeel Oost is een mozaïek van zeer verschillende buurten. In de Oosterparkbuurt, Dapperbuurt en Indische Buurt zijn de opgaven heel anders dan in het Oostelijk Havengebied en op IJburg. In Oost zijn ook veel nieuwe ontwikkelingen. Op het Zeeburgereiland, IJburg II en in het Amstelkwartier verrijzen de komende jaren duizenden nieuwe woningen, terwijl langs de Wibautas de campus van de Hogeschool van Amsterdam bijna klaar is. De verbinding tussen al die buurten kan beter. Door goede openbaar vervoerverbindingen. Maar ook door logische routes voor fietsen en lopen te maken. Een voorbeeld zou de lijn Amstelstroomlaan-Bajesbuurt, Kruislaan kunnen zijn, die Amstelkwartier, Watergraafsmeer en Sciencepark met elkaar verbindt.

In oudere buurten vraagt de kwaliteit van de openbare ruimte veel aandacht. Die moet groen en toegankelijk ingericht zijn. Het fietsparkeerprobleem vraag daarbij om aandacht. Het stadsdeel krijgt met vergrijzing te maken en dat betekent veel voor de eisen die we aan de leefomgeving stellen. De nabijheid van voorzieningen is voor ouderen bijvoorbeeld erg belangrijk. Net als voldoende plekken om elkaar spontaan te ontmoeten.

In Oost zijn veel actieve bewonersnetwerken. Het stadsdeel wil samen met deze netwerken onder andere invulling geven aan het lokaal opwekken van duurzame energie.

West

Stadsdeel West heeft zich snel ontwikkeld tot geliefde plek voor wonen, winkelen en uitgaan. In de meeste buurten is de balans tussen rust en drukte en dure en betaalbare woningen redelijk op orde. Maar er zijn ook buurten waar bewoners zich zorgen maken over de opmars van vakantieverhuur, liberalisering van sociale huurwoningen en de opmars van horeca. In West vestigen zich steeds meer cafés en restaurants. Zolang dat in de drukke stadsstraten gebeurt geeft dat weinig problemen. Rond de Hallen heeft het bezoekersgebied zich echter uitgebreid naar de tussenliggende buurt. De vraagt is hoe we de aantrekkelijke balans tussen rustig wonen en reuring om de hoek kunnen behouden.

In de buurten direct tegen de binnenstad aan is veel bouwdynamiek. Huizen worden vergroot en verbouwd. Stadsdeel West wil duidelijke regels voor deze bouwdynamiek om overlast tegen te gaan en groen en cultuurhistorische waarden te beschermen.

Aan de randen van West, langs de A10-West en in Haven-Stad worden veel nieuwe woningen gebouwd. Het is van groot belang dat bestaande buurten in West goed verbonden worden met de nieuwe buurten, zodat ze echt onderdeel van het stadsdeel uit gaan maken. Een speciale rol is daarbij weggelegd voor de doorlopende straten in het stadsdeel. Deze lange lijnen kunnen als stadsstraten levendige verbindingen vormen binnen de stad.

In West is veel behoefte aan meer groen. Plek daarvoor kan gevonden worden door het beter inrichten en openbaarder maken van bestaand groen in het stadsdeel. Maar het maken van nieuwe parken net buiten het stadsdeel zal ook nodig zijn.

Zuid

Delen van Zuid worden steeds meer onderdeel van het stadscentrum. De Noordpijp en het Museumkwartier trekken bezoekers uit de hele stad en de regio en zijn ook voor toeristen een belangrijke bestemming. Mensen komen er om uit te gaan en te shoppen. Het Museumplein is een van de toeristische toplocaties van Europa geworden. De opgave in deze gebieden is om het beheer van de openbare ruimte op niveau te houden en om de balans tussen rust en reuring te bewaken.

In Plan Zuid en Buitenveldert is bezoekersdruk veel minder een opgave. Tussen deze twee gebieden ligt de Zuidas als grote ontwikkellocatie. Stadsdeel Zuid ziet de ontwikkeling van Zuidas en het deels ondergronds brengen van de A10 (Zuidasdok) als kans om Plan Zuid en Buitenveldert beter met elkaar te verbinden. Onderdeel hiervan is het ontwikkelen van de Beethovenstraat en Parnassusweg-Buitenveldertselaan tot levendige stadsstraten met veel ruimte voor groen, lopen en fietsen.

Stadsdeel Zuid is een zeer populaire woonplek. In het hele stadsdeel is daardoor sprake van grote bouwdynamiek. Woningen worden onderkelderd, uitgebouwd en opgetopt. Dit zorgt voor veel overlast in de woonbuurten en gaat soms ten koste van groen en architectonische kwaliteit. Het stadsdeel wil de bouwdynamiek aan heldere regels binden. Daarbij is behoud van bestaande kwaliteiten, de leefbaarheid, het groen en kleinschalige voorzieningen het uitgangspunt. Het omzetten van kleinschalige bedrijfsruimten en winkels naar wonen wordt verboden.

Zuidoost

Stadsdeel Zuidoost is stevig in ontwikkeling. In Amstel III en bij Bijlmer-ArenA worden tienduizenden nieuwe woningen gebouwd. De bedrijventerreinen hier veranderen in een echt stuk stad, met levendige straten en volop groen en voorzieningen. Het is belangrijk dat de nieuwe buurten ten westen van het spoor goed verbonden worden met de bestaande buurten in de Bijlmer en in Gaasperdam. Zuidoost moet zo meer een eenheid worden.

In de Bijlmermeer en in Gaasperdam liggen ook nog grote opgaven. Het verbeteren van de leefbaarheid en veiligheid kunnen hier hand in hand gaan met het versterken van de wijkeconomie. Dat vraagt vooral om een slimme verdichting van de buurten, zonder het groene en rustige karakter te verliezen. Op termijn zijn er langs de Gooiseweg en langs diverse dreven kansen voor het ruimte maken voor nieuwe woningen. Nieuwe inwoners vormen draagvlak voor voorzieningen en zorgen voor een vitale wijkeconomie, ook in economisch slechtere tijden.

Zuidoost is een groen stadsdeel, dat aan twee zijden grenst aan het landschap. De landschappen, de Amstelscheg en de Diemerscheg, zijn vanuit Zuidoost niet goed bereikbaar. Routes door het stadsdeel zijn soms onlogisch en sociaal onveilig. De A2 en de Provinciale Weg langs de Gaasp vormen barrières die er om vragen geslecht te worden. Nieuwe groene routes kunnen de buurten in Zuidoost met elkaar en met het landschap verbinden.

Alle schalen